|
P A T R O L O G I E [ V A D E R L E E R ]
Tenslotte laten wij ons ten gronde kennen als zand. Mijn broer veegt het met borstels die jouw broer bezigt om halzen in te zepen uit onze kiezen en blaast – kapper des doods – de holtes van ons zien weer leeg. Telt onze botten legt ze op een laken geordend forceps scalpel hematoom het steriele veld van een heelmeester zonder veel wonden. Dateert glazuur. Lijmt brokken. Neemt ons als wat we zijn: minieme monsters. Aan lange tafels stelt hij ons weer samen als menu’s. Onze kaken wachten op hypothesen om te verbijten te weerstaan halvelings weg te grijnzen in het licht van niets nirwana eeuwigheid – eerder eenvormige dozen voorzien van een schools etiket waarop in hoofdzaak ontbrekende cijfers.
Link naar auditieve versie van het gedicht : http://www.erwinmortier.be/podcast.php |